De vonk slaat over in Latijns-Amerika
De vonk slaat over in Latijns Amerika
Door : Atilio Borón - Thomas Janssen - Paul Evrard
Boron is hoogleraar politieke sociologie in Argentinië en directeur van EURAL, instituut voor Europese en Latijnsamerikaanse Research in Buenos Aires.
Stel je voor wat er gebeurd zou zijn als de Cubaanse revolutie was bezweken voor de agressieve acties van het imperialisme of wegens de ineenstorting van de Sovjet Unie. Het antwoord is eenduidig en verontrustend: in dat geval zou onze geschiedenis radicaal anders geworden zijn. Zonder de bevrijdende vlam die een halve eeuw lang heldhaftig bewaakt is door Cuba, zouden de Amerikaanse volken maar moeizaam de inspiratie en stoutmoedigheid gevonden hebben om de vernieuwde druk te weerstaan waaronder zij leden, noch zouden zij hebben kunnen rebelleren tegen het imperium en haar lokale zetbazen.
Cuba was een krachtig voorbeeld dat de prairies van Latijns Amerika in de 60er jaren in vlam zette en de grote demonstaties opriep die hebben aangezet tot de opkomst van Popular Unity in Chili en Hector Campora’s zege in Argentinië. Het was Cuba’s voorbeeld dat de weg baande voor de ommekeer van Juan Velasco Alvarado in Peru en voor de opkomst van de Popular Assembly en de regering van Juan José Torres in Bolivia. De ferme afwijzing door Cuba van fatalisme en inertie voedde het grondwettelijk verzet van Kolonel Francisco Deño in de Dominicaanse republiek, verzet tegen de invasie vanuit de Verenigde Staten.
Het was de onverzettelijke loyaliteit en solidariteit van Cuba met de strijdende volken die de weerstand mogelijk maakte tegen de wreedheid van dictaturen die het werelddeel teisterden in de 70er jaren en die de overwinning zeker stelde van de Sandinisten in Nicaragua. Het was Cuba, samen met het offer van Zuid Afrikaanse jongeren, die de nederlaag aan de apartheid toebracht en de onafhankelijkheid van Angola verzekerde. Het was de kracht van Cuba die het eiland omvormde tot een voorbeeld, toen in de 80er jaren ons continent een radicaal en onbegaan pad koos van ‘democratische overgang’, opgescheept met een buitenlandse schuld die al in 1985 in Havana was betiteld als ondragelijk en onbetaalbaar.
Dit voorbeeld kreeg nog grotere dimensies toen het eiland de mogelijkheid toonde van verzet bij het ineenstorten van die landen die ten onrechte beschreven werden als ‘ware socialistische’ processen, maar in feite ontmaskerd werden als helemaal niet socialistisch. In die perioden weerstond het eiland de druk en de sirenezang van de agenten van het imperialisme en haar propagandisten (waaronder als nummer een de lobbyist van de Spaanse multinationals Felipe González) met hun aanbeveling dat Cuba terug moest naar het gezond verstand en de revolutie vergeten moest, Zegevierend herrees Cuba zoals de feniks uit het debacle van de Sovjet Unie en de Comicon om de volkeren wereldwijd te bemoedigen.
Het is in deze context dat de Bolivariaanse revolutie en de uitzonderlijke figuur van Hugo Chavez naar voren kwamen, terwijl meer naar het zuiden de Burger Revolutie van Rafael Correa in Ecuador en in het Bolivië van Che Guevara de voorman van de boerenvakbond Evo Morales werden gekozen als presidenten na een genezingsproces van de volken die meer dan vijf eeuwen op zich had laten wachten. Nog andere processen vinden plaats in Argentinië, Brazilië, Uruguay, Paraguay en over het algemeen in bijna de gehele regio, Elk proces heeft haar eigen onderscheiden karakteristiek maar onveranderlijk – tenminste in de geest van het volk – bevat het een principiële afwijzing van imperialisme, kapitalisme en van de neoliberale politiek die daarvóór zelden in de politiek van de regeringen te merken was.
Dit alles zou niet mogelijk zijn als Cuba in de Varkensbaai was verslagen of als haar vrouwen en mannen waren overgelopen, hun idealen verkwanseld, de toorts gedoofd die zij een halve eeuw lang met kracht en waardigheid hadden hooggehouden. ( . . . . ) Of dit nog niet genoeg was, zwerven Cubaanse artsen, verpleegsters, leraren, sportinstructeurs uit over de Derde Wereld; een revolutie die het zaad van onderwijs, gezondheid en leven uitzaait tegen een imperium en haar adepten die onwetendheid, destructie en dood verspreiden. Daarom en om zoveel andere niet genoemde redenen, onze dank aan het Cubaanse volk en hun regering, aan Fidel en Raúl, en daarvóór aan Che, Camilo, Haydée en zoveel anonieme Cubaanse werkers die in dagelijkse strijd en met ijzeren vasthoudendheid het overleven van de revolutie mogelijk maakten en maken en daarmee de wedergeboorte van perspectief op socialisme in Latijns Amerika.
